Menu

Introductie
Aanleiding
Tracé
Alexander
Rotterdam - Moordrecht
Waddinxveen
Tunnelbak
Alphen a/d Rijn
Tunnel Alphen
Roelofarendsveen
Inhaalspoor
Varianten

Doe mee!

Bronvermelding
Definities

Mail
naar De Batenvariant

  Batenvariant - De Gauwelijn
Station Waddinxveen

Station Waddinxveen kenmerkt zich door de ligging in de verdiepte spoorbak. Een verschil met stations Roelofarendsveen en Alphen aan de Rijn, is aanwezigheid van de Rijn-Gouwelijn. Deze sporen zijn in het midden gelegen.

Op station Waddinxveen zullen de Gauwestoppers? halteren. Gezien de zeer beperkte ruimte ter plekke is zijn extra perrons en perronsporen niet mogelijk. Daar wordt voorgesteld de in Waddinxveen stoppende treinen gebruik te laten maken van de tramsporen. Het eilandperron wordt dan aangedaan door zowel de RijnGouwe-trams als de Gauwestoppers.

Dynamisch perrongebruik
Een aanstormende HST mag niet gestoord worden in zijn dienstregeling; je zet niet zomaar een sein op rood. De RijnGouwe-tram heeft een dienstregeling met veel 'ruis' , door het deel enkelspoor en het straattraject in Leiden en Katwijk: Er treden al snel fluctuaties in de dienstregeling op. Daarnaast moet het dienstregelingtechnisch maar net uit komen dat een tram en HST tegelijkertijd gebruik willen maken van het perronspoor.

Daarom stel ik voor om de trams hun perronspoor te kiezen afhankelijk van de actuele aankomsttijden van de HST’s. Als een aankomende HST in de wielen van een tram dreigt te rijden, kan de tram gemakkelijk naar het andere haltespoor uitwijken, om ‘spookrijdend’ aan het perron te komen. Deze beweging kan geheel kruisingsvrij ten opzichte van het HSL-verkeer gebeuren.

Een of twee treinen uit alle willekeurige richtingen kunnen onafhankelijk van elkaar tegelijkertijd halteren aan het centrale perron. Een derde of vierde trein zal enkele minuten moeten worden opgehouden. De voorkeur ligt natuurlijk bij de trams. Niet alleen dienen deze ‘slechts’ een lokaal belang, ook kunnen zij zonder ernstige gevolgen voor de achteroprijdende treinen even stilstaan. Zou een HST’s afremmen op zijn spoor, dan betekent dat mogelijk een belemmering voor het achteropkomende snelverkeer.

Perronhoogten
sporenconfiguratie en perronindeling standaarddoorsnede tunnelbak

De Gauwelijn wordt bereden door treinen met een standaard vloerhoogte van ongeveer anderhalve meter boven de kop van de spoorstaaf (B.S.-maat). De RijnGouwe-lijn rijdt met lagevloertrams, welke een gemakkelijk instap garanderen bij straatperrons. Dit levert een aanzienlijk verschil op voor de benodigde perronhoogten bij het gezamelijke station Waddinxveen.
Een oplossing is het gebruik van lage en hogeperrondelen. Daarbij speelt ook het aanzienlijke lengteverschil tussen trams en HST’s.

Er wordt uitgegaan van een tramlengte van twee stellen van 37 meter, oftewel een benodigde perronlengte van 75 meter. Voor de stoptrein-HST’s wordt uitgegaan van vijf rijtuigen inclusief motorrijtuigen of locomotief. De nettolengte van zo’n trein ligt tussen de 130 meter. De bruto benodigde perronlengte hiervoor is 150 meter Bron 4. De totale lengte van elk van de perronzijden komt op twee maal 75 + 150 = 225 strekkende meter.

Een passerende hoge trein langs het tramperron -immers niet overal wordt gestopt- is wellicht potentieel onveilig. De vieze en bewegende delen van de HST's passeren dan op armhoogte. Een trein kan worden aangekondigd met een geautomatiseerde gestandaardiseerde omroep. Een tweede optie is een rode knipperende lichtband in de perronrand.


 De Gauwelijn is een idee van De Batenvariant. Copyright 2004-2020.