Menu

Introductie
Aanleiding
Tracé
Alexander
Rotterdam - Moordrecht
Waddinxveen
Tunnelbak
Alphen a/d Rijn
Tunnel Alphen
Roelofarendsveen
Inhaalspoor
Varianten

Doe mee!

Bronvermelding
Definities

Mail
naar De Batenvariant

  Batenvariant - De Gauwelijn
Rotterdam Centraal - Moordrecht aansluiting

Geschiedenis

Het traject Rotterdam Centraal - Moordrecht maakt deel uit van de voormalige zogenaamde Ceintuurbaan rond om Rotterdam. Het spoor tussen Gouda en Rotterdam verliep tot 1953 via een geheel andere route. Vlak voor Nieuwerkerk a/d IJssel volgde het spoor het traject waar nu de Schielandweg en de Abram van Rijckevorselweg op liggen. Via de Boompjes werd het Rheinspoorstation bereikt, op de plek waar nu zwembad Tropicana staat. Het tracé werd echter een te grote belemmering naar de Maasoever gevonden. Bovendien wilde men naar één centraal station, dat op de plek kwam van het voormalige Delftsche Poort.
Al eerder had men een verbindingbaan aangelegd van Delftsche Poort over het huidige traject tot aan het Kralingse Bos, waar afgebogen werd naar het zuid-westen om op het Rheinspoor-lijn te komen. Op de plek van de aansluiting is de oprit van de Van Brienenoordbrug prominent aanwezig.

Viersporigheid

In Nederland is op vier-sporige trajecten gebruikelijk om de sporen twee-aan-twee in een richting te gebruiken. Dit heeft het voordeel dat er per richting maar een eilandperron is. De hogesnelheidstreinen van en naar de Belgische grens worden in de Willemsspoortunnel afgehandeld op de buitenste van de vier sporen. Op Rotterdam Centraal wordt dit ook aangehouden. Ook het oude vervolgtraject naar Delft en Den Haag sluit hierop aan. De treinen vanuit Utrecht komen vanoudsher aan op de meest noordelijke perronsporen. Dit omdat er zo weinig kruisend treinverkeer is; alleen goederentreinen haken in.
Er is echter wel gebleken dat er behoefte is aan een goede verbinding tussen Utrecht enderzijds, en Dordrecht en zuidelijke bestemmingen waaronder het buitenland anderzijds, en tussen Rotterdam Alexander en het zuiden van Rotterdam. Voor de nieuwe situatie moet daarom gekeken worden naar de mogelijkheid om vanaf de Goudselijn te kunnen doorrijden tot bijvoorbeeld Rotterdam Lombardijen of Dordrecht.
Beide stromen moeten op elkaar aangesloten worden, zonder te veel capriolen. Dit kan door het verkeer vanaf de Gauwelijn ongelijkvloers te laten kruisen met de stroom naar Den Haag. Bij de werkelijk situatie met de HSL-Zuid is dat nu ook het geval.

Bogen

Dit trajectdeel kenmerkt zich een een scherpe boog van bijna 180 graden vlak na het station. De rest is overwegend recht of met zeer ruime bogen. Op dit 'rechte' deel is door middel van een kaart en een mal met de uiterste gewenste boogstraal nagegaan of een snelheid van 250 km/h haalbaar is. Dit blijkt inderdaad het geval: de langste en scherpste boog, tussen Capelle Schollevaar en Nieuwerkerk aan de IJssel, voldoet juist aan de norm van 3.200 meter (250 km/h).
Er wordt gekozen voor een ligging van de snelle sporen aan binnenzijde.

Blijdorpboog Aansluiting

De Blijdorpboog kan na een complete heraanleg met een ambitieuze verkanting geschikt gemaakt worden voor een hogere snelheid. Ter plekke zullen op de rechtstanden wissels geplaatst worden, om vlak voor/na het station uitwisseling tussen 'normale' treinen en treinen van/naar de Gauwelijn mogelijk maken. Bijvoorbeeld Gauwestoppers? naar Dordrecht. Ook goederentreinen uit Gouda kunnen oversteken om de Willemspoortunnel te berijden en naar de rangeerterrein de Kijfhoek te rijden.
Helaas valt dus niet te ontkomen aan een complex van fly-overs en verbindingssporen zoals dat in de werkelijke HSL-Zuidsituatie bestaat.

Museum SSN

Langs de Goudse lijn, ter hoogte van het Kralingse bos, bevindt zich het depot van de Stoom Stichting Nederland. Deze museale stichting beheert en exploiteert diverse historische stoomtreinen. Het depot heeft een aansluiting op de spoorlijn, zodat daadwerkelijk stoomritten gemaakt kunnen worden.

Hiervoor dient dan een oplossing gevonden te worden. Het emplacement dient aangesloten te blijven op het landelijk net, met uitzondering van De Gauwelijn. Een dive-under of een fly-over verbindt het emplacement met het noordelijkste 'langzame' spoor. In het verlengde van de aansluitende sporen ligt een driehonderd meter lang uitloopspoor, om ook treinen van/naar Rotterdam/Schiedam mogelijk te maken (middels kopmaken).


 De Gauwelijn is een idee van De Batenvariant. Copyright 2004-2020.